Albrecht van Beieren -

1357 ruwaard van Holland voor zijn broer Willem V, graaf van 1389-1404; fel bestrijder van de Kabeljauwsen, tot hij onder de invloed kwam van Aleid van Poelgeest. Albrecht van Beieren en zijn zoon Willem van Oostervant deden 1396, '98 en '99 tochten naar Friesland. Albrecht van Beieren trachtte zich in het bezit te stellen van Friesland en Groningen; daartoe verbond hij zich met de Vetkopers en met Ocko van den Broek of ten Broeke in Oostfriesland. De Stad sloot in 1381 tegen hem een nauw verbond met de Schieringers van Oostergo en Westergo in Friesland; in 1382 sloten Hunzingo en Fivelgo zich daarbij aan. een van de voornaamste Vetkopers was Onno Onsta van Sauwerd. Onder de Schieringer hovelingen was Folkmer Allena in Oostfriesland, die door Ocko ten Broeke verdreven werd en naar Groningen vluchtte.
In 1397 kwamen de Vetkopers bijeen, om de Ommelanden aan Albrecht op te dragen. Daarbij waren de Onsta's van Sauwerd, Popko Snelgers van Den Dam, Onke Ripperda van Farmsum en Eijlt Gockinga van Oostbroek bij Zuidbroek. Daartegenover stonden de Stad, de bisschop Frederik van Blankenham en mannen als Jarges Coppen; zie daar. Albrecht liet krijgsvolk naar Groningen trekken, doch hij moest zijn manschappen terug laten gaan.
In 1398 namen de Vetkopers van Hunzingo, Fivelgo en het Oldambt Albrecht als heer aan. De Schieringers verzetten zich daartegen onder aanvoering van Eppo van Nittersum; zie daar. Men rustte een vloot en een leger uit en nam zeerovers in dienst; zo verdreef men de Hollanders uit Friesland. De Stad bood aan Albrecht 50 vette ossen aan, om hem gunstig te stemmen, 1399. In 1400 dwong men de Vetkopers Onne Onsta van Sauwerd, Omke en Popke Snelgers in Den Dam, Onke Ripperda van Farmsum, Menno Houwerda van Termunten, Tamme Gockinga van Oosterbroek, Hayo Eysinga van Huzinge en Hayo Wibben van Westeremden, om het land te verlaten. Aepco Onsta, Onno's zoon, moest zijn borg met de gehele bezetting aan de Groningers overgeven en werd op de Boteringepoort gevangen gezet. Zie Sauwerd. De Onsta's riepen nu de hulp in van bisschop Frederik van Blankenheim, die zich met Hertog Albrecht verzoend had. Zie Blankenheim.
De Schieringers verwoestten in 1401 de borgen van Onne en Popke Snelgers te Appingedam, van Onke Ripperda te Farmsum, overl. 1400; van Menno Houwerda te Termunten en van Eyolt Gockinga te Oosterbroek. De Stad behield de heerlijkheden van Houwerda, Gockinga en anderen uit het Oldambt aan zich.

Thema
uw keuze
meer over uw keuze
Soort
persoon
meer over persoon
Niet van toepassing
meer uit Niet van toepassing